Overslaan en naar de inhoud gaan

Op dinsdag 30 juni verzorgde Michelle van Tongerloo een inspirerende Weldadigheidslezing in de Koepelkerk in Veenhuizen. Als straatarts en huisarts in Rotterdam maakt zij van nabij mee dat ‘weeffouten’ in ons zorgsysteem ervoor zorgen dat dak- en thuislozen en immigranten niet goed geholpen worden. Dit levert steeds uitzichtlozer situaties op voor de betrokkenen en leidt uiteindelijk tot hoge kosten voor de hele samenleving.

Vooruitstrevende zorg in de Koloniën van Weldadigheid: niet vrijblijvend

De Weldadigheidslezing begon met een kort interview van gespreksleider Wilbert van de Kamp met Miek Roelfsema-Van der Wissel, die promoveerde op de gezondheidszorg in de Noord-Nederlandse koloniën van de Maatschappij van Weldadigheid tussen 1818 en 1859.

Roelfsema schetste hoe de zorg in de koloniën zich ontwikkelde van een beperkte voorziening tot een uitgebreid gezondheidsapparaat. Hoewel de medische zorg in sommige opzichten vooruitstrevend was – met onder meer hervaccinaties tegen pokken, het gebruik van chloroform en complexe operaties – stond niet filantropie maar vooral economisch belang centraal. Gezonde en productieve kolonisten waren noodzakelijk om de koloniën draaiende te houden.

Tegelijkertijd kende de gezondheidszorg grote uitdagingen. Besmettelijke ziekten als cholera, tuberculose en schurft kwamen veel voor en de leefomstandigheden waren vaak onhygiënisch. Ondanks uitgebreide preventieve maatregelen bleef de sterfte hoog. Volgens Roelfsema droeg het overheidsbeleid er uiteindelijk aan bij dat de koloniën zich ontwikkelden van werk- en opvoedingskolonies tot instellingen waar zorg en verpleging een steeds grotere rol kregen.

Deze historische terugblik vormde een interessante opmaat naar de lezing van Michelle van Tongerloo, die ruim anderhalve eeuw later de actuele uitdagingen in de gezondheidszorg belichtte.

Van Tongerloo vertelde dat ze als beginnend huis- en straatarts merkte dat de jas van de zorg in Nederland haar niet goed genoeg paste. Ze werkte daarom een tijd op Sint Eustatius in het Caribisch gebied. ‘Daar was ik 24 uur per dag huisarts, mensen wisten me altijd te vinden als ze me nodig hadden. Ook daar moest ik aan wennen.’ Maar ze maakte een klik met de mensen en kwam tot de conclusie: ‘Als ik echt het verschil wil maken moet ik blijven als het moeilijk wordt. En dat betekent: doorgaan tot je snapt waarom en hoe je het anders wilt en moet doen om mensen te helpen.’

Weer terug in Rotterdam, richtte ze samen met enkele betrokkenen de stichting ‘Lekker Geven’ op, om hulp te kunnen bieden buiten de zorginstanties om. Inmiddels stromen de giften binnen en kan ze met haar stichting mensen in Rotterdam echt een nieuwe kans geven. 

Van Tongerloo sloot de lezing af met een oproep: kijk naar elkaar om en wijs niet alleen naar de overheid. 

Volgende Weldadigheidslezing: 8 november

Er kwamen ongeveer 100 bezoekers op de lezing af, waarvan een deel zelf werkzaam is in het zorgdomein. In het najaar volgt de derde Weldadigheidslezing van dit jaar op 8 november tijdens de Voorouderdag in het Gevangenismuseum Veenhuizen.